Porsche 997S Coupe


Voor het eerst sinds 1977 lanceerde Porsche met de 997 meteen twee versies van een nieuwe 911-generatie. De Carrera en de Carrera S van de 997 onderscheiden zich -uiterlijk althans- vooral door de terugkeer van de ronde koplampunits en hulplichtblokken in de bumper vooraan. Een element dat, tot groot ongenoegen van de ‘Porschisten’, bij de 996 overboord werd gegooid. Overigens is nagenoeg elk paneel van het koetswerk vernieuwd, waardoor het geheel gespierder en aërodynamischer werd. In het interieur ging veel aandacht naar nieuwe materialen, een verbeterde ergonomie en een beter afleesbaar instrumentenbord. Toch onthouden we vooral de uitzonderlijk goed steunende sportzetels en de perfecte, sportieve zithouding.


De aanpassingen onderhuids zijn net zo evolutionair als de uiterlijke aanpassingen, én talrijk. Porsche gaat daarbij net iets verder dan het gewone ‘bijslijpen’ van het concept. De vernieuwde 3,8l krachtbron van de Carrera S (355pk en 400Nm sterk, goed voor een acceleratie van 0 naar 100km/u in 4,8sec en een top van 293km/u) klinkt dankzij een mechanische ingreep ook weer zoals het hoort; diep en donker. Een adaptieve ophanging geeft je als bestuurder de kans om opvallend comfortabel of uitgesproken sportief te rijden. Het typische weggedrag, te wijten aan de achter de achteras geplaatste zescilinder boxermotor, maakt met z’n charme en (door de elektronica gecontroleerde) wispelturigheid gelukkig nog steeds deel uit van het pakket. De optionele ceramische remschijven kunnen de koets tot vertragingen dwingen die zelfs voor een sportwagen van dit kaliber indrukwekkend zijn.